23. Je hebt aan de rechterzijde van een smalle, bochtige provinciale weg (80 km/u) gestopt om een passagier af te zetten. Het zicht op naderend verkeer is beperkt door een haag. Wat is volgens de Rijprocedure B de meest veilige en tactische manier om weer weg te rijden?
Hoofdstuk 3.1 van de Rijprocedure B, onder "Wegrijden na een stop buiten het verkeer", benadrukt het belang van "Kijkgedrag" en "Voor laten gaan". Het voorgeschreven kijkgedrag (binnenspiegel, naar voren, linkerbuitenspiegel, over linkerschouder) is cruciaal om systematisch alle relevante verkeersgebieden te controleren, inclusief de dode hoek, voordat de manoeuvre wordt ingezet. Bij beperkt uitzicht (zoals door een haag) is extra oplettendheid vereist. De verplichting om "het overige verkeer voor te laten gaan" betekent dat je pas mag wegrijden als dit veilig en zonder hinder kan, zelfs als dit wachten inhoudt. Optie A is gevaarlijk door het beperkte zicht. Optie C is roekeloos en optie D is niet de primaire tactiek die de Rijprocedure B beschrijft voor deze specifieke situatie, hoewel het in extreme gevallen een overweging zou kunnen zijn.
Hoofdstuk 3.1 van de Rijprocedure B, onder "Wegrijden na een stop buiten het verkeer", benadrukt het belang van "Kijkgedrag" en "Voor laten gaan". Het voorgeschreven kijkgedrag (binnenspiegel, naar voren, linkerbuitenspiegel, over linkerschouder) is cruciaal om systematisch alle relevante verkeersgebieden te controleren, inclusief de dode hoek, voordat de manoeuvre wordt ingezet. Bij beperkt uitzicht (zoals door een haag) is extra oplettendheid vereist. De verplichting om "het overige verkeer voor te laten gaan" betekent dat je pas mag wegrijden als dit veilig en zonder hinder kan, zelfs als dit wachten inhoudt. Optie A is gevaarlijk door het beperkte zicht. Optie C is roekeloos en optie D is niet de primaire tactiek die de Rijprocedure B beschrijft voor deze specifieke situatie, hoewel het in extreme gevallen een overweging zou kunnen zijn.