0%
OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

Een vraag rapporteren

Je kunt geen leeg rapport indienen. Voeg wat details toe.
OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR
OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

FASE 1A THEORIE VAN DE RIJTAAK 1

1 / 50

1. Wat betekent bord J36 (sterke zijwind)?

2 / 50

2. Wat is de betekenis van bord D6 RVV 1990?

OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

3 / 50

3. Wat is verplicht volgens Artikel 41, lid 1?

4 / 50

4. Als rijinstructeur staat u ’s ochtends op en ziet dat het licht heeft gesneeuwd. Wat gaat u doen?

5 / 50

5. Wat is de betekenis van bord A3 RVV 1990?

OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

6 / 50

6. Als voor een kruispunt moet worden gestopt, dan pas _______ indien het kruispunt kan worden vrijgemaakt of opstellen tussen de kruisende verkeersstromen mogelijk is.

7 / 50

7. Wat is de betekenis van bord D4 RVV 1990?

OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

8 / 50

8. Een brombakfiets wordt door een brommobiel voorgetrokken. Wat is bepaald over de afstand tussen beide voertuigen?

9 / 50

9. Betekenis van bord C8 RVV 1990?

OPLEIDING RIJINSTRUCTEUR

10 / 50

10. Mag je met een rijbewijs B, afgegeven na 19 januari 2013, aanhangwagens voortbewegen die een toegestane maximum massa hebben van meer dan 750 kg?

11 / 50

11. Bij welke van de hierna genoemde motorvoertuigen moet er, indien nodig, een gevarendriehoek worden geplaatst?

12 / 50

12. Een fietser wil een geparkeerde vrachtauto voorbijrijden. Moet de fietser richting aangeven?

13 / 50

13. Wat is de maximumsnelheid van een bromfiets binnen de bebouwde kom als hij gebruik moet maken van de rijbaan?

14 / 50

14. Aan wie wordt het kenteken opgegeven en het kentekenbewijs afgegeven?

15 / 50

15. Wat is een "T100-bus" volgens Artikel 1?

16 / 50

16. Wie geeft de verklaring van geschiktheid af?

17 / 50

17. Wanneer hebben we te maken met een autosnelweg?

18 / 50

18. Langs autosnelwegen gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autosnelweg uit.

19 / 50

19. Wat is de betekenis van bord E10 (taxistandplaats)?

20 / 50

20. Waar mag een motorfiets tussen files doorrijden?

21 / 50

21. Je voert de hellingproef uit op een stijgende weg. Je kiest ervoor om het wegrijhulpsysteem (Hill Start Assist) te gebruiken. De auto rolt niet achteruit en de motor slaat niet af. Hoe wordt dit beoordeeld volgens de Rijprocedure B?

22 / 50

22. Je staat in een stilstaande file op de snelweg. Wanneer zet je de motor af?

23 / 50

23. Een examenkandidaat vergeet tijdens het examen twee keer richting aan te geven bij het afslaan, maar rijdt verder zeer veilig en beheerst. Hoe wordt dit volgens de toepassing beoordeeld?

24 / 50

24. Wanneer gebruik je bergafdalingsassistent?

25 / 50

25. Je verlaat een uitrit waar hoge hagen het zicht belemmeren. Links zie je niets, rechts zie je tot 30 meter. Er is geen spiegel aanwezig. Wat is de veiligste methode volgens de principes van de Rijprocedure B?

26 / 50

26. Na uren rijden met multiple ADAS waarschuwingen klaagt leerling over 'alert fatigue'. Hoe address je dit?

27 / 50

27. Modern ACC 'leert' rijpatronen. Een leerling merkt dat het systeem anticipeert op afremmende voorliggers. Hoe verklaar je dit?

28 / 50

28. Een nieuwe leerling is overweldigd door alle ADAS-waarschuwingen. Wat is je aanpak?

29 / 50

29. Je leerling klaagt dat het FCW-systeem te vaak waarschuwt tijdens stadsritten, vooral bij geparkeerde auto's. Hij wil het systeem uitschakelen. Wat is je advies?

30 / 50

30. Een overconfident leerling beweert dat zijn auto 'praktisch zelfrijdend' is met alle ADAS aan. Hoe temper je deze verwachting?

31 / 50

31. Een fietser draagt een rugzak met knipperende witte LED-strip. Toegestaan volgens artikel 5 RVV 1990?

32 / 50

32. Je ziet een auto met een matras op het dak zonder bevestiging, alleen hand van bijrijder houdt vast. Actie volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

33 / 50

33. Op parkeerplaats zie je bord "gereserveerd voor marktkooplui di+vr". Het is woensdag. Wie mag parkeren volgens bijlage 1 RVV 1990?

34 / 50

34. Je parkeert voor bioscoop. Bord: "alleen tijdens voorstelling". Film duurt tot 23:00, het is 22:45. Wanneer weg volgens letter regel?

35 / 50

35. Je ziet een bord "STOP" met daaronder "bij nadering". Wat betekent dit volgens bijlage 1 RVV 1990?

36 / 50

36. Je parkeert met app die zegt "zone 2134". Straatbord toont "zone 2143". Welke gebruiken volgens digitale systemen?

37 / 50

37. Een cambio met buitenlands kenteken slingert op snelweg tussen rijstroken. Vermoeden volgens artikel 8 Wegenverkeerswet?

38 / 50

38. Je ziet kleuter op skelter van oprit straat oprijden. Ouder rent erachteraan. Eerste reactie volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

39 / 50

39. Je rijdt 's nachts zonder straatverlichting. Je dimlichten verlichten maar 1 kant. Wat doe je volgens artikel 58 RVV 1990?

40 / 50

40. Je rijdt achter een auto waarvan de uitlaat vonkt bij accelereren. Betekenis volgens technische kennis?

41 / 50

41. Op provinciale weg zie je doodgereden das. Wie ruimt op volgens beheerregels?

42 / 50

42. Een vrachtwagen voor je heeft een bord "Lange Voertuig". Hij is maar 12 meter. Correct volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

43 / 50

43. Op snelweg zie je vrachtwagen met knipperende linker richtingaanwijzer maar hij blijft rechts. Betekenis volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

44 / 50

44. Een hond rent los over de weg. Eigenaar roept vanaf stoep. Wat doe je volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

45 / 50

45. Je rijdt achter schoolbus vol kinderen. Bij elke hobbel hoor/zie je kinderen stuiteren. Veilig volgens artikel 5 Wegenverkeerswet?

46 / 50

46. Je nadert een kruising met verkeerslichten. Het licht springt op oranje. Je kunt nog net veilig stoppen. Wat is correct volgens artikel 68 RVV 1990?

47 / 50

47. Op snelweg in Duitsland zie je "Rettungsgasse bilden". Nederlandse automobilist moet volgens EU-regels?

48 / 50

48. Op een kruispunt staat een verkeerslicht met een groene pijl naar rechts, het hoofdlicht is rood. Wat mag je volgens artikel 70 RVV 1990?

49 / 50

49. Op provinciale weg kruist wild zwijn. Jij kunt stoppen, achterligger botst bijna. Aansprakelijkheid volgens artikel 185 Wegenverkeerswet?

50 / 50

50. Op kruising staat bord "voorrang op kruisend verkeer". Van links komt fietser, van rechts auto. Wie heeft voorrang volgens artikel 15 RVV 1990?

0%